Banner Uilhoorn & Fritse
 

Staat aansprakelijk voor late vakantiewetgeving

09-06-2012


Een werkgever in de transportsector heeft de arbeidsovereenkomst van een werknemer opgezegd na een verkregen ontslagvergunning. De achterliggende reden is twee jaar arbeidsongeschiktheid van de werknemer. Slechts tijdens de laatste 6 maanden van zijn ziekte heeft de werknemer vakantiedagen opgebouwd. De rechter acht de Nederlandse Staat aansprakelijk voor het niet tijdig implementeren van Europese regelgeving over opbouw van vakantiedagen tijdens ziekte. In welk geval de werknemer gedurende zijn hele ziekteperiode vakantiedagen zou hebben opgebouwd.

 

De werknemer houdt de Nederlandse Staat aansprakelijk voor door hem gemiste opbouw van vakantiedagen. Vóór de nieuwe wet van 1 januari 2012 werd door de werknemer op grond van het oude art. 7:635 lid 4 BW alleen tijdens de laatste 6 maanden van zijn ziekteperiode vakantiedagen opgebouwd.

 

De rechter oordeelt dat bij de Staat vanaf juni 2001 - waarin het Hof van Justitie een uitspraak heeft gedaan - bekend was dat de Nederlandse wet niet verenigbaar was met een Europese richtlijn. Dat de Staat de Nederlandse wet niet eerder dan 1 januari 2012 heeft aangepast is onrechtmatig tegenover de werknemer. Mocht de Staat binnen een redelijke termijn de wet hebben aangepast dan had de werknemer in zijn geval aanspraak gehad op opbouw van vakantiedagen gedurende zijn gehele ziekteperiode. De rechter veroordeelt de Staat tot betaling aan de werknemer van ongeveer EUR 2.500,00.

 

PS: De Nederlandse Staat heeft hoger beroep ingesteld.

 

Bron: Rechtbank Den Haag, 6 februari 2012, LJN: BV7318

 

Mark Uilhoorn, Uilhoorn & Fritse Advocaten

 

 

 

 

 

« Nieuwsoverzicht

 

Nieuwsbrief
Nieuwsbrief